Nederland heeft laagste aantal donoren van Eurotransplant
Door Merel Dercksen
Eurotransplant heeft gisteren zijn jaarverslag over 2008 online gezet. Hierin is onder andere te vinden, dat het aantal postmortale donoren per miljoen inwoners in Nederland het afgelopen jaar het laagst was van de zeven landen die deel uitmaken van de organisatie.
In België lag dat aantal twee keer zo hoog, en daarmee ook het hoogst van alle landen. België kent relatief veel slachtoffers van ongelukken onder zijn donoren, vergeleken met de andere landen. In Nederland is juist weer erg vaak sprake van 'overige doodsoorzaak'.
Worden levende donoren ook meegeteld, dan ligt het aantal donoren per miljoen inwoners in Nederland juist weer hoog. Dat komt doordat hier in 2008 twee keer zo veel levende als overleden donoren waren. Maar van hen worden uiteraard veel minder organen gebruikt. In principe maar een, en in bijna alle gevallen is dat een nier. Van het grootste deel van de overleden donoren konden meerdere organen getransplanteerd worden.
Op 31 december 2008 stonden in alle Eurotransplantlanden samen ruim elfduizend mensen op de wachtlijst voor een nier, al dan niet in combinatie met een ander orgaan. Dat was iets minder dan een jaar eerder.
|
HLA-mismatch transplantatie zonder blijvende medicatie al mogelijk
Vijf jaar geleden rapporteerden onderzoekers van het Massachusetts General Hospital over vijf patiënten bij wie ze een gelijktijdige nier- en beenmergtransplantatie hadden uitgevoerd. Al deze patiënten vertoonden een HLA-mismatch met hun donor, wat betekent dat er onder normale omstandigheden afstoting zal optreden. Vier van de vijf hadden destijds geen afweeronderdrukkende medicijnen nodig om de nier te behouden, omdat er door de beenmergtransplantatie een geslaagde mix tussen hun eigen immuunsysteem en dat van de donor was ontstaan. Inmiddels hebben ze deze ingreep bij nog eens vijf patiënten uitgevoerd.
Tijdelijk geen doorbloeding bij niertransplantatie leidt tot chronische afstoting
Een traag op gang komende nier waarbij dialyse nodig is in de eerste week na transplantatie, is meestal het gevolg van schade door een tijdelijk gestopte doorbloeding. Het komt regelmatig voor, zeker nu het aantal non-heart-beating donoren toeneemt. Een traag op gang komende nier heeft een grotere kans op acute afstoting en heeft gemiddeld een kortere levensduur.
Te weinig vitamine D slecht voor nieuwe nier
Nierpatiënten die enige maanden na hun transplatatie een lage spiegel van de inactieve vorm van vitamine D in hun bloed hebben, lopen een groter risico op chronische nierschade en het verlies van hun nier. Het risico op overlijden neemt niet toe. Dit resultaat van Frans onderzoek roept de vraag op, of het zinvol is nierpatiënten die getransplanteerd worden een vitamine D-supplement te geven.

Gepubliceerd: vrijdag 12-06-2009


NierNieuws is onafhankelijk van bij de materie betrokken (semi-)commerciële en (semi-)overheidsinstelling.
Niernieuws heeft geen financiële connecties met patiënten- verenigingen of andere soortgelijke organisaties of
stichtingen.
In het artikel staat nergens dat er een oorzakelijk verband is tussen het relatief hoge aantal verkeersslachtoffers in België en het feit dat het aantal donoren per miljoen inwoners daar twee keer zo hoog is als in Nederland.
Het enige wat er staat is: 'België kent relatief veel slachtoffers van ongelukken onder zijn donoren'.
Om precies te zijn: volgens de opgave van Eurotransplant was de doodsoorzaak van 37 procent van de Belgische postmortale donoren een ongeluk. In Nederland bijvoorbeeld was dat 21 procent.
Het is niet juist dat België twee keer zoveel donoren heeft omdat er veel meer verkeersslachtoffers zijn. Het klopt wel dat België bijna twee keer zoveel verkeersslachtoffers heeft als Nederland, maar de bijdrage van verkeersslachtoffers aan orgaandonatie is slechts 3% in Nederland. Stel dat Nederland net zoveel verkeersdoden heeft als België: dan komt er dus maar 3 % donoren bij. En niet 100 %.
Reageer ook op dit artikel