Fosfaathuishouding herstelt vanzelf na niertransplantatie
Door Merel Dercksen
Verwijderen van bijschildklieren kort na transplantatie onnodigBij succesvol getransplanteerde nierpatiënten is in de eerste maanden na transplantatie vaak nog sprake van een verstoorde fosfaathuishouding. Maar na een jaar is dit spontaan hersteld, blijkt uit onderzoek in het universiteitsziekenhuis van Leuven.
Bij getransplanteerden bij wie de nier goed werkt, is het fosfaatgehalte van het bloed in de eerste maanden na transplantatie vaak te laag. Dit gaat dan samen met verlies van fosfaat via de nier en te hoge bloedspiegels van bijschildklierhormoon (PTH) en de groeifactor FGF-23. Nefrologen van het universiteitsziekenhuis in Leuven onderzochten wat er op de wat langere termijn gebeurt met de waardes van deze stoffen als er niet ingegrepen wordt.
Zij volgden 50 succesvol getransplanteerde nierpatiënten gedurende het eerste jaar na hun transplantatie. Direct na de operatie, na 3 maanden en na een jaar maten de onderzoekers de concentraties van de stoffen die onderdeel zijn van het fosfaatmetabolisme. Daarnaast werd elke getransplanteerde vergeleken met een chronisch nierpatiënt met een vergelijkbare nierfunctie.
Het FGF-23-gehalte en de uitscheiding van fosfaat blijken spontaan te verminderen en zijn na een jaar vergelijkbaar met de niveaus bij niet-getransplanteerden met een vergelijkbare nierfunctie. Ook de concentraties calcium en fosfaat in het bloed verbeteren en die zijn na een jaar zelfs beter dan bij niet-getransplanteerde patiënten. De grootste veranderingen treden op in de eerste drie maanden na transplantatie, maar het herstel zet nog zeker het hele eerste jaar door.
|
Trage start nieuwe nier gevaarlijker voor ouderen
Hoe ouder de ontvanger van een postmortale nier is, hoe groter de kans dat hij het niet overleefd wanneer de nier niet meteen werkt. Jonge getransplanteerden kunnen zo'n opstartfase meestal wel overbruggen.
Er bestaat een verband tussen het vertraagd op gang komen van een pas getransplanteerde nier, en het overlijden van de getransplanteerde patiënt in de eerste maanden na transplantatie. Dr. Jagbir Gill en zijn collega's van de University of British Columbia in Vancouver hebben onderzocht hoe veel groter dat risico op overlijden wordt wanneer de nier niet meteen werkt, en of het leeftijdsafhankelijk is.
HLA-mismatch transplantatie zonder blijvende medicatie al mogelijk
Vijf jaar geleden rapporteerden onderzoekers van het Massachusetts General Hospital over vijf patiënten bij wie ze een gelijktijdige nier- en beenmergtransplantatie hadden uitgevoerd. Al deze patiënten vertoonden een HLA-mismatch met hun donor, wat betekent dat er onder normale omstandigheden afstoting zal optreden.
Tijdelijk geen doorbloeding bij niertransplantatie leidt tot chronische afstoting
Een traag op gang komende nier waarbij dialyse nodig is in de eerste week na transplantatie, is meestal het gevolg van schade door een tijdelijk gestopte doorbloeding. Het komt regelmatig voor, zeker nu het aantal non-heart-beating donoren toeneemt. Een traag op gang komende nier heeft een grotere kans op acute afstoting en heeft gemiddeld een kortere levensduur.

Gepubliceerd: zaterdag 08-11-2008


NierNieuws is onafhankelijk van bij de materie betrokken (semi-)commerciële en (semi-)overheidsinstelling.
Niernieuws heeft geen financiële connecties met patiënten- verenigingen of andere soortgelijke organisaties of
stichtingen.
Reageer ook op dit artikel