Mail: redactie@niernieuws.nl | 030 - 288 9994 | NL16 TRIO 0197 707866



Reageer | Verstuur | Druk af   

Seks in de spreekkamer bespreken is niet vanzelfsprekend

Door Shanty Sterke 

Praten over seks in de spreekkamer bij de dokter is makkelijker gezegd dan gedaan. Maar dit is wel belangrijk volgens Gaby van Ek, promovenda aan het Leids Universitair Medisch Centrum. In het Dialyse & Nefrologie Magazine beschrijft ze de studie die zij heeft uitgevoerd samen met het Erasmus Medisch Centrum, Universiteit van Tilburg en de Saxion Hogeschool. Gebrek aan kennis, tijdgebrek, en te weinig privacy zijn redenen waarom dit niet gebeurt.

Terwijl zeker 70 procent van de dialysepatiënten te maken heeft met seksuele problemen. ‘Niet alleen door de ziekte zelf, maar ook door alle dingen die erbij komen kijken. Je kan je voorstellen dat iemand die drie keer per week naar het ziekenhuis moet om intensieve dialyse te ondergaan, ’s avonds geen zin meer heeft’, zegt Van Ek. Geen zin in seks hoeft natuurlijk niet voor iedereen een probleem te zijn. Maar van Ek wil weten hoe de zorg is voor de patiënten die het wel als een probleem ervaren. 

Meeste zorgverleners zien geen probleem
Daarom heeft zij vragenlijsten verstuurd naar nefrologen, transplantatiechirurgen, dialyseverpleegkundigen, verpleegkundig specialisten en maatschappelijk werkers. Daaruit bleek dat zorgverleners van nierpatiënten zich vaak wel verantwoordelijk voelen om te vragen naar de seksuele problemen in hun patiëntengroep, maar dat het om verschillende redenen toch niet gebeurt. Naast gebrek aan tijd speelt ook een tekort aan kennis een belangrijke rol. Behalve de verpleegkundigen waren de beroepsgroepen niet opgeleid om dergelijke gesprekken te voeren. In de praktijk komt het er op neer dat als de patiënt er niet zelf over begint het gros van de nefrologen het onderwerp niet aankaart. Voor maatschappelijk werkers en verpleegkundigen speelde het gebrek aan privacy om gesprekken over zo een gevoelig onderwerp te voeren ook mee. Bijna alle chirurgen vonden dat praten over seks de verantwoordelijkheid van de nefroloog was. Maar de onderzoekers vinden dat ook voor de chirurg hierin een rol is weggelegd. 

Poster op de Nefrologiedagen 2017

Want ook al gaat het na een transplantatie vaak wel weer beter met de seks, dat geldt helaas niet voor iedereen. Bij ongeveer de helft van de mensen die een transplantatie hebben ondergaan blijven de problemen. Dat kan komen door onherstelbare schade of door de medicijnen. ‘Elke fase van de nierziekte kent weer een eigen uitdaging. Niertransplantatie kan ervoor zorgen dat de relatie weer op scherp komt te staan wanneer de patiënt geen patiënt meer is en weer nieuwe energie heeft’, zegt Van Ek. ’Daarom is het belangrijk dat chirurgen in ieder geval aankaarten dat er na de transplantatie niet al te hoge verwachtingen worden gewekt.’ 

Seks is een beladen onderwerp
Sonja Faber, maatschappelijk werker op de dialyseafdeling in het Albert Schweitzer ziekenhuis, herkent het wel dat seks voor sommige mensen een beladen onderwerp kan zijn. Daarom heeft zij een aantal jaar geleden samen met twee collega’s een folder ontwikkeld. Dat is voor haar heel handig want die folder is gelijk een hulpmiddel om het gesprek te openen. Ze merkte ook dat patiënten heel erg blij waren als ze het ter sprake bracht. ‘Ze kwamen dan met hun verhaal, mannen vooral. Inhoudelijk weet ik ook geen oplossing ’, zegt Faber, ‘maar iedereen moet in ieder geval geïnformeerd worden. Ook de 85-jarige vrouw die me vertelt dat ze al jaren weduwe is. Want ik weet niet hoe belangrijk dat in haar leven is en ik zou haar die informatie niet willen onthouden. Ik was ook eens bij een vrouw ook ver in de 80 en die vond het geweldig om erover te praten. Dus het is echt wel iets wat bij de één meer speelt dan bij de ander.’ De folder is summier volgens Faber, maar er staat in ieder geval in waar mensen met hun probleem terecht kunnen. Zo is er in het ziekenhuis ook een seksuoloog waar patiënten naar verwezen kunnen worden. 

Weinig verwijzingen
Volgens Van Ek wordt slechts een heel klein deel van de patiënten doorverwezen naar gespecialiseerde hulpverlening. Joosje Hekstra, eigenaar van SekZo, begeleidt als consulent seksuologie mensen bij wie seksualiteit of intimiteit niet vanzelf gaan. ‘Medische problemen, zoals bij nierpatiënten kan ik natuurlijk niet wegnemen. Maar als er een probleem is waarmee ik stellen kan helpen, dan kan je soms binnen 2 tot 3 keer al heel veel bereiken. Soms is het gewoon anders omgaan met seksualiteit’, zegt Hekstra ‘en soms is het gewoon een kwestie van meer met elkaar praten en de tijd voor elkaar nemen. Sommige mensen hebben een idee hoe het zou moeten en als dat niet meer lukt, dan hebben ze geen seks meer. Maar dan zijn er nog wel andere mogelijkheden. Soms verwijs ik naar een andere manier van met elkaar vrijen en soms ga je kijken wat is er nodig om dat wat je vroeger had weer voor elkaar te krijgen.’

Handvatten erg belangrijk
Van Ek benadrukt dat het vooral belangrijk is dat mensen handvatten krijgen aangereikt waardoor ze ermee om kunnen gaan. ‘Dat geldt trouwens niet alleen voor de patiënt maar ook voor de partner. Het gaat ons niet alleen om de seksualiteit. De intimiteit en de relatie zijn voor ons ook belangrijk.’ 

Of er geld is om dit onderzoek af te maken is nog maar de vraag. ‘Helaas is er maar weinig geld beschikbaar voor dit soort onderzoek. De aandacht gaat in eerste instantie naar de nierziekte, wat heel logisch is. En is er eigenlijk geen geld om naar de zaken ernaast te kijken. Terwijl we steeds langer blijven leven. Er moet dus eigenlijk meer aandacht gaan naar kwaliteit van leven en daar speelt seksuele gezondheid en relatie een heel belangrijke rol bij’, betoogt Van Ek.

sterren Gepubliceerd: dinsdag 11-04-2017 | Reacties (1)

Reacties

Reageer op dit artikel

  • NN
    12-04-2017 16:34

    Wat is sex? De heftige door hormonen opgewekte gevoelens in de beginjaren van je relatie? Ja dan heb je een probleem als nierpatient en partner. Maar als je blij bent dat je nog samen bent, een glaasje drinkt en een hapje eet met een goed gesprek, ach dan valt het nog wel mee.
    En 's avonds hand in hand in bed ligt, muziekje aan, gordijnen open en de volle maan die naar binnen schijnt ..... dan vallen wij zeer (be)vredig(d) in slaap!




Onderzoeksdeelnemers met cystenieren vooraf indelen voor meer effect

Amerikaanse onderzoekers hebben een methode ontwikkeld om patiënten met erfelijke cystenieren in te delen naar ernst, op basis van beeldvormend onderzoek. Ze hebben deze methode getest op een groep patiënten uit een ander onderzoek. De indeling blijkt het mogelijk te maken die patiënten te selecteren bij wie de aandoening het snelst verergert, en bij wie daardoor ook het grootste effect van de onderzochte ingreep te zien is. Zo kan een effectievere selectie van onderzoeksdeelnemers gemaakt worden.

Patiënten met dominant overervende cystenieren (ADPKD) kunnen een heel verschillend ziekteverloop hebben. Als degenen bij wie de nierfunctie langzaam daalt meedoen aan een onderzoek, is het effect van de onderzochte ingreep bij hen minder goed zichtbaar dan bij degenen van wie de nierfunctie zonder ingreep snel daalt. Daardoor kan het zijn dat er in een grote groep gemengde deelnemers geen significant effect gevonden wordt, terwijl dat er voor een subgroep wel is. Klinische trials kunnen daarom effectiever zijn als er voor deelname patiënten geselecteerd worden van wie de verwachting is dat hun aandoening sneller verslechtert.

Lees meer »

Opschonen medicatie bij hemodialyse kan wel »

Met het klimmen der jaren krijgen chronisch zieken vaak steeds meer medicijnen te slikken. Meer dan 25 pillen per dag is geen uitzondering. Sommige van die pillen helpen niet, terwijl andere zelfs schadelijk zijn. Op basis van dit idee ontstond vijftien jaar geleden een 'deprescribing' trend: gecontroleerd en verantwoord stoppen met bepaalde medicijnen. Uit Canadees onderzoek blijkt nu dat 'deprescribing' ook zin heeft bij hemodialysepatiënten.

Lees meer »

Verband zwaarlijvigheid en nierziekten lijkt aangetoond »

De obesitasepidemie die de Westerse wereld teistert, speelt waarschijnlijk een rol bij de toename van het aantal patiënten met ernstig nierfalen in de afgelopen twintig jaar. Dat betoogt Holly Kramer, arts en universitair docent, gespecialiseerd in nierziektes en obesitas, in het Loyola University Medical Center in Maryland, de Verenigde Staten. In een overzichtsartikel in het tijdschrift American Journal of Kidney Diseases zet zij het wetenschappelijk bewijs daarvoor op een rijtje.

Lees meer »





NierNieuws en zijn adverteerders maken soms gebruik van cookies. Klik hier voor meer informatie.