Nederlandse wachtlijst voor organen blijkt veel langer
Momenteel wachten er 3.200 Nederlanders op een nieuw orgaan, waaronder 2.600 nierpatiënten. Dat is veel meer dan de periodiek door de Nederlandse Transplantatie Stichting (NTS) gepubliceerde cijfers suggereren. De NTS vermeldt namelijk alleen het aantal transplantabele wachtenden. Patiënten die wel op de wachtlijst staan, maar tijdelijk niet transplantabel zijn, bijvoorbeeld door een mindere conditie, worden niet meegeteld. Andere landen publiceren vaak wel de hele wachtlijst.
De meest recent gepubliceerde officiële Nederlandse wachtlijst telt 1.400 patiënten, waarvan er 950 wachten op een nier. Het totale aantal wachtenden blijkt ruim tweemaal zo hoog, bij nieren zelfs bijna driemaal. Dat blijkt uit, tot nu toe ongepubliceerde, cijfers van Eurotransplant. Ook minister Schippers hanteert, zoals bij haar recente beantwoording van Kamervragen, deze lagere officiële cijfers.
Grote landen als de Verenigde Staten, Groot Brittannië en de Scandinavische landen kiezen er voor om het totale wachtlijstcijfer te publiceren, dus inclusief tijdelijk niet-transplantabelen. Eurotransplant publiceert wel overkoepelende grafieken met daarin de totale wachtlijstgegevens voor alle deelnemende landen gezamenlijk, inclusief de niet-transplantabele patiënten. Desgevraagd heeft Eurotransplant nu ook inzicht verschaft in de recente Nederlandse cijfers.
In Nederland weinig mensen transplantabel
Wat vooral opvalt is dat in andere landen de wachtlijst voor minstens twee derde uit transplantabele patiënten bestaat. Dat geldt ook voor Eurotransplant als geheel. Maar in Nederland zijn dat er relatief veel minder, vooral voor wat betreft nieren.
Opmerkelijk is bovendien dat bijvoorbeeld de Verenigde Staten in allerlei publicaties schermt met het hogere totale wachtlijstcijfer. Teneinde de ernst en omvang van het tekort aan organen te illustreren. In Europa is men daar veel minder toe geneigd.
In Nederland worden wachtlijstcijfers ook vaak gehanteerd om behaalde resultaten op het gebied van orgaandonatie te meten. Effectiever zou zijn om daarbij steeds het totale plaatje te tonen. Temeer omdat
redelijkerwijs valt aan te nemen dat bijvoorbeeld de totale nierwachtlijst de afgelopen jaren langer is geworden in plaats van korter.
|
Meisjes zeggen vaker ja tegen orgaandonatie

Meisjes zijn vaker bereid na hun dood donor te zijn dan jongens: 82 procent van de 18-jarige vrouwen die hun keuze hebben vastgelegd, geeft aan na overlijden één of meerdere organen of weefsels te willen afstaan. Van de jongens uit 1994 is dat maar 72 procent. Zo is de situatie, één maand nadat minister Schippers alle jongeren uit 1994 een officieel verzoek stuurde om hun keuze aan te geven in het Donorregister.
Uit de eerste cijfers blijkt ook dat jonge vrouwen hun keuze sneller vastleggen dan mannen. Van alle aanmeldingen die half mei bij het Donorregister binnen waren, komt drie van de vijf (62 procent) van een vrouw. Alle jongeren uit 1994 die hun keuze nog niet hebben vastgelegd in het Donorregister, ontvangen deze week een kleine aansporing in de brievenbus.
Steeds meer Britse altruïstische donoren
Het aantal altruïstische donoren in het Verenigd Koninkrijk is het afgelopen jaar bijna verdrievoudigd, meldt de BBC. Dat waren vrijwel allemaal nierdonoren. De Human Tissue Authority (HTA) keurde 104 orgaandonaties bij leven aan een onbekende goed in het seizoen 2012-13, vergeleken met 38 in het jaar ervoor. Onder die 104 altruïstische donoren zat 1 persoon die een deel van zijn lever weggaf, de rest doneerde een nier. In totaal vonden er in deze periode ruim 1.
Ierse nierdonoren draaien zelf op voor onkosten rond donatie
Ierse levende nierdonoren hoeven hun operatie niet zelf te betalen, maar krijgen verder geen enkele onkostenvergoeding. Dat constateert prof. Peter Conlon, consultant in het Beaumont Hospital in Dublin, die daar onderzoek naar gedaan heeft. 'Een levende donor kan meestal enkele weken niet werken. Gemiddeld kost het verlies aan inkomen dat daardoor ontstaat, plus andere uitgaven die een donor vanwege zijn operatie moet doen, 5.000 tot 7.000 euro.

Gepubliceerd: dinsdag 27-03-2012 | 


NierNieuws is onafhankelijk van bij de materie betrokken (semi-)commerciële en (semi-)overheidsinstelling.
Niernieuws heeft geen financiële connecties met patiënten- verenigingen of andere soortgelijke organisaties of
stichtingen.
Zelf heb ik enige tijd geleden tevergeefs geprobeerd om van de NTS opheldering te krijgen over de omvang en ontwikkeling van het inactieve (niet–transplantabele) deel van de wachtlijst. Het is positief dat er nu concrete cijfers bekend zijn. Voor meer details over dit onderwerp zie ook website 2MH club.
Goh...!
Wat was ook al weer het betoog van onze verantwoordelijke Minister, een aantal dagen geleden?
'Met z'n allen gezellig op de lijst en wanneer je
getransplanteerd bent'....."Tellen we je mee."
Dus laten we ons niet verleiden tot deze opzet en als we het al doen, gebruik dan het vergelijkingsmateriaal uit andere landen.
Of ben ik dan 'kort door de bocht'?
Gezellig met z'n allen op de lijst krijgt dus zo een heel andere dimensie. Laten we vooral de aandacht houden waar nog winst te halen valt en dit soort retoriek terzijde leggen.
Wachtenden aller landen verenigt u!
"Res non Verba", Minister.
Reageer ook op dit artikel